FOKSUK
SLIDESHOW
WEER
CHESS
VIDEO



zaterdag 28 januari 2017

Cream - I feel free

Dit Britse trio bestond uit Ginger Baker (drums), Jack Bruce (basgitaar en zang) en Eric Clapton (gitaar en zang). De laatste speelde eerder in the Yardbirds en John Mayall’s Bluesbreakers. Daarin speelde ook Bruce korte tijd voordat hij vertrok naar Manfred Mann. Baker was leider van the Graham Bond Organisation maar was de band inmiddels zat. In juli 1966 kwam Ginger naar een optreden van the Bluesbreakers om Eric te zien spelen. Op de weg terug naar London vroeg hij Clapton om lid te worden van zijn op te richten nieuwe band. Deze ging akkoord op voorwaarde dat Jack Bruce ook mee zou doen. De drie muzikanten hadden ieder al een goede reputatie opgebouwd in de bluesscene. Vandaar dat als bandnaam werd gekozen the Cream (naar: the cream of the crop, de beste) al gauw ingekort tot Cream. De eerste optredens volgden al dezelfde maand. In oktober kwam de eerste single, “Wrapping paper”, uit die een bescheiden hit werd in Engeland. De debuutelpee “Fresh cream” volgde twee maanden later. Op de Engelse versie van de langspeler stond niet de tweede single “I feel free”. Het nummer werd geschreven door Jack Bruce en de performance dichter Pete Brown, die samen meer hits voor de band zouden schrijven. De productie was in handen van hun manager Robert Stigwood. De plaat haalde net niet de top 10 in Engeland. In de Veronica Top 40 belandde hij op de 18e plaats. In Amerika kwam de plaat niet verder dan nummer 16 in de Bubbling under Hot 100 singles. Eind 1968 ging Cream door met name veel ruzies tussen Bruce en Baker uit elkaar. Jack Bruce overleed in 2014. Robert Stigwood in 2016.

zaterdag 21 januari 2017

The Monkees - I’m a believer (Week 03 - 1967)

Het was de jonge filmmaker Bob Rafelson die al in 1962 het idee had voor wat later de televisieserie “the Monkees” zou worden. Hij kreeg het echter niet verkocht. In 1964 werkte hij bij Screen Gems samen met de zoon van de directeur van deze productiemaatschappij . Samen begonnen ze een eigen bedrijfje dat na het succes van de Beatlesfilm “A hard days night” het oude plan van Bob nieuw leven inblies. In het voorjaar van ‘65 wisten ze het te verkopen aan Screen Gems Television. Eerst wilden de twee de nog niet doorgebroken band Lovin’ Spoonful vragen voor de serie. Omdat deze groep al een platencontract had ging dit niet door. Er kon dan niets aan de muziek worden verdiend. Besloten werd een groep samen te stellen. In juli werd als eerste Davy Jones geselecteerd. Deze had al enige bekendheid vanwege zijn rol in de musical “Oliver”. En hij had een langdurend contract met Screen Gems, moederbedrijf Columbia Pictures, en Colpix Records. In september stonden er advertenties in de vakbladen voor de casting van de overige bandleden. Uit de ruim 400 geïnteresseerden werden Michael Nesmith, Peter Tork en Micky Dolenz geselecteerd. Nesmith had al platen uitgebracht onder diverse namen.Tork hoorde over de auditie van Stephen Stills die was afgewezen. Dolenz was een acteur die ook in een bandje speelde. Voor de pilotaflevering werden Tommy Boyce en Bobby Hart gevraagd de liedjes te schrijven. Ook de plaatopnamen produceerden ze deels. In augustus 1966 kwam de eerste single “Last train to Clarksville” uit. Op 12 september ging de eerste aflevering van de serie de lucht in. De debuutsingle bereikte de 1e plaats van de Amerikaanse hitparades. De opvolger, “I’m a believer”, werd geschreven door Neil Diamond. Deze had het nummer zelf al eerder opgenomen. De leadzang was van Micky en de muziek werd gespeeld door sessiemuzikanten. De single was twee dagen na de release al goud, en stond maar liefst zeven weken op de 1e plaats van de Billboard Hot 100. Ook in Engeland en in de Veronica Top 40 kwam de plaat op de hoogste positie terecht. De televisieserie werd na twee seizoenen in 1968 geschrapt. De groep maakte hierna nog een film, en bleef nog platen maken en optreden. In 1970 stopten de laatste twee overgebleven leden, Davy en Micky, er mee. In later jaren zijn er nog enkele keren reunies geweest. Davy Jones overleed in 2012.

zaterdag 14 januari 2017

The Rolling stones - Let’s spend the night together

Op 13 januari 1967 kwam in Engeland de nieuwe single van the Rolling Stone uit. Het was een plaat met een “dubbele a-kant” geproduceerd door de manager van de band Andrew Oldham. “Let’s spend the night together” werd in november 1966 opgenomen in de Olympic Sound Studios in London. Om onduidelijke reden is is Keith Richards te horen als bassist in plaats van Bill Wyman. Daarnaast speelt, zoals vaker, Jack Nitzsche mee op piano. “Ruby tuesday” werd grotendeels door Keith geschreven. Samen met Brian Jones maakte hij het nummer af, hoewel Jagger/Richards als componisten van het nummer staan vermeld. Vanwege de suggestieve tekst van de andere a-kant kreeg dit nummer de meeste airplay in met name Amerika. In de veel bekeken Ed Sullivan Show werd de groep zelfs gedwongen om “Let’s spend the night together” te veranderen in “Let’s spend some time together”. Mick vergiste zich echter af en toe tijdens zijn live gezongen tekst. De muziek en achtergrondzang kwamen van band. Daarop was natuurlijk wel het originele refrein te horen. Beide nummers kregen een aparte notering in de Billboard Hot 100. “Let’s spend the night together” eindigde op de 55e plaats terwijl “Ruby tuesday” op nummer 1 terecht kwam. In de Engelse hitparade piekte de single op de 3e plek, en in de Veronica Top 40 nog een plaats hoger.

zaterdag 7 januari 2017

Tom Jones - Green, green grass of home (Week 01 - 1967)

Tom Jones werd in 1940 geboren als Thomas Jones Woodward in Treforest, Zuid-Wales. Op jonge leeftijd begon hij met zingen tijdens familiefeestjes en in het schoolkoor. Zijn bluesy zangstijl ontwikkelde hij door te luisteren naar zangers als Solomon Burke en Jackie Wilson. Maar ook Elvis Presley, met wie hij later bevriend werd, was een voorbeeld. In 1963 werd Tom zanger van Tommy Scott and the Senators. De groep kreeg al gauw bekendheid in Zuid-Wales, en nam in 1964 een aantal nummers op onder leiding van de bekende producer Joe Meek. Deze liet ze horen aan diverse platenmaatschappijen, echter zonder succes. Later dat jaar ontdekte manager Gordon Mills de groep. Hij werd Jones’ manager en gaf hem ook zijn artiestennaam. In augustus kwam zijn eerste single uit: “Chills and fever”. Het nummer werd geen hit. De opvolger “It’s not unusual” werd in maart ‘65 echter een nummer 1 hit in Engeland. “Green, green grass of home” is geschreven door de Amerikaanse liedjesschrijver Claude Putman jr. Het nummer werd in 1965 voor het eerst op de plaat gezet door countryzanger Johnny Darrell. Datzelfde jaar nam ook Jerry Lee Lewis een versie op. Tom hoorde het liedje voor het eerst toen hij een bezoek bracht aan Lewis’ platenmaatschappij in Amerika, en een exemplaar kreeg van de elpee waar het nummer opstond. Hij was er gelijk van onder de indruk. Zijn eigen versie bereikte de 1e plaats in zowel de Engelse hitparade als de Veronica Top 40. In de Amerikaanse Billboard Hot 100 kwam de plaat op nummer 11 terecht.