FOKSUK
SLIDESHOW
WEER
CHESS
VIDEO



zaterdag 29 oktober 2016

Hank the knife and the jets - Stan the gunman (Week 43 - 1975)

Hank the Knife is het pseudoniem van de in 1946 geboren Henk Bruysten. Reeds op jonge leeftijd speelde hij samen met zijn vader Bep en broer Co in the Beheco’s. Na het zien van een film van Cliff Richard and the Shadows besloot Henk in 1963 zelf zijn eerste gitaargroep op te richten. In de jaren ‘60 zouden er nog veel bandjes volgen. Samen met zanger Pierre Beek werd in 1968 Palace opgericht. Daarin zat ook Arnie Treffers die later overstapte naar Moan. In 1971 ontstond uit die groep, inmiddels met Bruysten, als grap Long Tall Ernie and the Shakers. Dit nadat Treffers een optreden van Shakin’ Stevens & the Sunsets bijwoonde en daar wel een commerciële kans in zag. Het vijftal werd geïntroduceerd met een uitgekiende publiciteitscampagne. Verhalen over agressieve en criminele bandleden en vechtpartijen met platenbazen. Plus prachtige pseudoniemen: zo werd bassist Henk, Hank the knife. Na financiële en muzikale meningsverschillen stapte hij in 1974 op. Samen met gitarist en zanger Pierre Beek richtte hij vervolgens Hank the Knife and the Jets op. Met rock ‘n roll muziek uit de jaren ‘50 werd de stijl van Long Tall Ernie and the Shakers voortgezet. In het voorjaar van 1975 werd de eerste single van de groep, “Guitar king”, meteen een grote hit: nummer 2 in de Top 40. Ongetwijfeld kwam dat door het opvallende geluid van de zessnarige basgitaar die Bruysten bespeelde. In navolging van Duane Eddy en Jet Harris van the Shadows. Opvolger “Stan the gunman” stond tien weken in de Nederlandse Top 40 en bereikte zelfs de 1e plaats. Er volgden nog twee kleinere hits en een paar flops. In 1977 ging de groep uit elkaar. Als Hank the Knife & the Crazy Cats scoorde Henk in 1980 nog een hit met “Crazy guitar”. Al weer geruime tijd treedt Hank the Knife and the Jets met succes op. Pierre Beek overleed in 2009.

zaterdag 22 oktober 2016

Dave - Dansez maintenant

Dave werd in 1944 als Wouter Levenbach geboren in Amsterdam. Zijn jeugd bracht hij door in Blaricum. Op zijn 14e ging wilde Wouter nog dominee worden maar ging hij ook gitaar spelen. Zes jaar later werd hij zanger van Dave Rich & the Millionaires en maakte hij ook zijn eerste solosingle. In 1965 vertrok Dave met een vriend op een boot naar Frankrijk. Hij bleef daar wonen, kreeg in 1968 een contract bij platenmaatschappij Barclay, en verkorte zijn artiestennaam naar Dave. Jarenlang verdiende de zanger de kost door te zingen in kleine horecagelegenheden. Maar in 1969 deed hij ook mee aan het Nederlandse Nationaal Songfestival met het liedje “Niets gaat zo snel”. Hij werd derde van de tien deelnemers. In de zomer van dat jaar had Dave wel zijn eerste hit in ons land met het eveneens Nederlandstalige “Nathalie”. Verdere hits bleven uit, en tussen 1971 en 1974 speelde hij een rol in de Franse versie van de musical “Godspell”. Zijn doorbraak In Frankrijk kwam in 1974 met “Trop beau” (een bewerking van de Rubettes hit “Sugar baby love”) en “Vanina” (idem van het Del Shannon succes “Runaway”). In 1975 kwam de debuutelpee “Dave” uit met daarop ook “Dansez maintenant”. Oorspronkelijk heette dit nummer “Moonlight serenade”, gecomponeerd in 1939 door Glenn Miller met een tekst van Mitchell Parish. De plaat bereikte dat jaar de 3e plaats van de Amerikaanse Billboard hitlijst. De Franse bewerking was van Dave’s vaste vriend Patrick Loiseau. De single klom in Nederland en België naar de 1e plaats van de hitparade. In Frankrijk naar de 4e plek. Dave nam ook een versie van “Moonlight serenade” op bedoeld voor de Engelstalige markten. De zanger is nog steeds aktief op diverse fronten in zijn thuisland Frankrijk. Wouter Levenbach werd in 2015 op de Nederlandse ambassade in Parijs benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

zaterdag 15 oktober 2016

Piet Veerman - Rollin on a river

Piet Veerman werd in 1943 geboren in Volendam. Al op de kleuterschool speelde hij de hoofdrol in een musical. Op zijn 12e kreeg Piet een gitaar en ging hij samen met zijn neef Jaap Schilder lessen volgen. De twee gingen niet veel later optreden als de Everly Kosters met op het repertoire natuurlijk een hoofdrol voor de muziek van de the Everly Brothers. Via the Mystic Four ontstond uiteindelijk the Cats. Piet speelde gitaar, was een van de leadzangers en componist van meerdere hits van de groep. Nog tijdens zijn Cats-periode maakte Piet Veerman zijn eerste soloplaat. De band trad niet meer op en platenmaatschappij EMI gaf alle leden van the Cats de kans om eigen muziek uit te brengen. “Rollin’ on a river” was de eerste single van de gelijknamige elpee. Het nummer schreef Piet samen met zijn vrouw Neeltje (alias “Nail Che”) die eerder ook al als medeschrijver vermeld werd bij een aantal nummers van the Cats die Piet schreef. Het arrangement was van Gerard Stellaard en de producer van de single was John Möring. Het nummer stond zeven weken in de Nederlandse Top 40 en bereikte hierin de 9e plaats. De grootste successen als soloartiest had Piet Veerman vanaf de tweede helft van de jaren ‘80. Na problemen met zijn gezondheid doet hij tegenwoordig alleen nog optredens voor kleinere gelegenheden.

zaterdag 8 oktober 2016

Alexander Curly - Guus (Week 40 - 1975)

Alexander Curly werd in 1946 te Haarlem geboren als Harm Breemer. In de jaren ‘60 speelde hij in bandjes als the Damiates en the Maestro’s. Met de gitarist van die laatstgenoemde groep ging hij later optreden als Budhi. De twee namen één single op: “Embryo”. Hierna ging Harm aan de slag als steward bij de KLM. In 1972 raakte Harm via Roek Williams in contact met het platenlabel Negram en kwamen de eerste Engelstalige solosingles van Alexander Curly uit. Opgenomen onder productionele leiding van Bert van Rheenen alias Veronicapresentator Chiel Montagne. De eerste twee flopten, maar de derde, “I’ll never drink again”, kwam op de 1e plaat van de Top 40 terecht. De drie singles erna haalden slechts de Tipparade. Bert stelde Harm vervolgens voor om Nederlandstalige liedjes te schrijven, maar daar zag de zanger helemaal niets in. In 1975 stond Curly toch weer op de stoep met een demoband met een fiks aantal nummers in het Nederlands. Die had hij voor anderen geschreven. Bijvoorbeeld voor artiesten van het Telstar-label van Johnny Hoes. Zo had het Cocktail Trio al, zonder succes, “Guus kom naar huus” opgenomen. Van Rheenen wist Curly ervan te overtuigen dat hij de liedjes zelf moest opnemen. Zelf deed hij de productie en voor de arrangementen werd Gerard Stellaard gevraagd. “Guus” stond na twee weken op de 1e plaats van de Nederlandse Top 40 en bezette drie weken die positie. Ook opvolger “Aggesus” kwam nog in de Hitparade terecht ondanks de ophef rond het nummer over een Turkse gastarbeider. In 1981 had Alexander Curly met “Hollanders” zijn laatste hit. Wel maakte hij nog een aantal fraaie albums, en was te zien in het televisieprogramma “Hollanders” van de Veronica Omroep Organisatie. Harm Breemer overleed in 2012 op Ibiza waar hij woonde.

zaterdag 1 oktober 2016

Spooky and Sue - I’ve got the need

Spooky is het pseudoniem van de in 1946 op Aruba geboren Iwan Groeneveld. Op zijn vijftiende ging hij varen als matroos. In 1968 kwam hij zo terecht in een Rotterdamse kroeg waar hij meezong met de liedjes uit de jukebox. De vrouw achter de bar was ook de manager van een Rotterdamse soulband, the Swinging Soul Machine, waar Iwan al snel de zanger van werd. De groep had in 1969 overigens zijn grootste hit met een nummer waar hij niet op is te horen: “Spooky’s day off”. Een jaar later verliet Spooky de band die vervolgens verder ging als Machine. Sue Chaloner werd in 1953 geboren in London en groeide op in een pleeggezin nadat ze te vondeling was gelegd. In 1969 kreeg ze een rol in de Britse versie van de musical “Hair”. Met een deel van de cast vertrok ze begin jaren ‘70 naar Nederland en besloot hier te blijven wonen. In 1974 werd Sue door producer Jaap Eggermont gevraagd om samen met Big John Russell het oude Amerikaanse succes “Swinging on a star” in te zingen. Voor optredens in het land en in tv-programma’s werd Spooky ingeschakeld. De single bereikte de 2e plaats in de Top 40. Opvolger “You talk to much”, ook al een oude Amerikaanse hit, bracht het tot nummer 7. “I’ve got the need” was ook al een cover, maar ditmaal van recente datum. Het nummer werd geschreven door Walter Morris met Harry Ray en Al Goodman van the Moments. De groep die samen met the Whatnauts eerder in 1975 in ons land een nummer 1 hit scoorde met “Girls” en later opdoken in het trio Ray, Goodman & Brown. De versie van Spooky & Sue kwam terecht op nummer 8 van de Nederlandse Top 40. De plaat was zelfs een succesje in de Engelse Northern Soul discotheken. Er volgden nog twee singles maar in 1977 ging het duo uit elkaar. Spooky nam nog een geflopte single op en figureerde eind jaren ‘70 in de surfgroep the Surfers. Sue bleef tot op heden actief in de muziek. Harry Ray overleed in 1992, Al Goodman en Big John Russell overleden in 2010.