FOKSUK
SLIDESHOW
WEER
CHESS
VIDEO



donderdag 24 mei 2012

Werkloosheid stijgt snel: waarom?

Er zijn in Nederland meer mensen werkloos dan tijdens de diepe recessie van 2009. Ondernemers zien geen groeikansen. Maar voor een nieuwe verloren generatie hoeven we nog niet bang te zijn. De recessie heeft definitief onze arbeidsmarkt bereikt. In april schoot de werkloosheid omhoog, met 24 duizend personen, zo maakte het CBS donderdag bekend. Er waren de afgelopen tien jaar slechts twee maanden met een nog snellere toename.

Er zijn nu 489 duizend mensen werkloos in Nederland. Dat is het grootste aantal sinds mei 2005, en hoger dan op enig moment tijdens de Grote Recessie van 2009. Het Centraal Planbureau verwacht dat de werkloosheid dit jaar verder oploopt naar een half miljoen. Nog één maand als april en we schieten daar al overheen.

Arbeidsmarkt reageert heftiger
De snelle stijging van de werkloosheid is een tegenvaller. De Nederlandse arbeidsmarkt reageert veel heftiger dan drie jaar geleden, toen de recessie veel dieper was. Vergeleken met het conjuncturele dieptepunt in 2009 produceert de Nederlandse industrie nu 15 procent meer. Maar de werkloosheid is een stuk hoger dan toen.

Dat geldt ook voor de rest van de economie. In het eerste kwartaal van 2009 produceerden 7,5 miljoen werkende Nederlanders samen voor 136 miljard euro aan goederen en diensten. In het eerste kwartaal van dit jaar was dat ruim 2,2 miljard euro meer (gecorrigeerd voor inflatie). Maar het aantal werkende Nederlanders bedroeg slechts 7,3 miljoen. We produceren nu meer, met minder mensen.

Wie alleen naar deze cijfers kijkt, zou kunnen denken dat er in de afgelopen drie jaar een aantal briljante uitvindingen zijn gedaan, waarmee honderdduizenden arbeidsplaatsen overbodig werden bij bedrijven. Maar dat is helaas niet het geval.


Bedrijven te optimistisch
Bedrijven produceren nu meer met minder mensen, omdat ze pessimistischer zijn geworden over de economie. Anders gezegd: bedrijven waren in 2009, in het midden van de diepste recessie in tachtig jaar, veel te optimistisch.

Het optimisme bleek niet zozeer uit de standaard stemmingsmetingen onder ondernemers. Het producentenvertrouwen stond begin 2009 zeer laag. Maar in hun gedrag toonden werkgevers zich toch fundamenteel optimistisch. Men ging er van uit dat de kredietcrisis en recessie van tijdelijke aard zou zijn, dat de vraag na verloop van tijd weer aan zou trekken. Ontslagen waren niet nodig, dachten veel ondernemers.

Dat blijkt uit de reconstructie van de Grote Recessie die het Centraal Planbureau eind vorig jaar publiceerde. CPB-economen hadden in 2009 de werkloosheid telkens zwaar overschat in hun prognoses, en zochten naar de reden van hun voorspelfout.

De verrassend lage werkloosheid kwam maar zeer ten dele door omzetdaling bij kleine zelfstandigen en door de deeltijd-WW, twee veel gehoorde verklaringen. Belangrijker was het gedrag van werkgevers. Die hamsterden personeel, en namen genoegen met een tijdelijk lagere productie per gewerkt uur.

Het was, stelt het CPB, de verse herinnering aan de krapte op de arbeidsmarkt van voor de kredietcrisis, die de werkgevers huiverig maakte hard in het personeelsbestand te snijden. In 2008 was de werkloosheid zeer laag, en het aantal openstaande vacatures hoog. Goed personeel was uiterst moeilijk te vinden. Met dat gevoel gingen veel Nederlandse bedrijven de crisis in. Geen wonder dat ze niet meteen grote ontslagrondes aankondigden.

Grimmige stemming ondernemers
Dat was in 2009. De situatie in 2012 is volstrekt anders. De recessie is mild, maar de stemming bij ondernemers is grimmig. Na drie jaar crisis is het besef doorgedrongen dat het niet om een eenmalige dip gaat, maar om een situatie van langdurig trage groei, met af en toe een vervelende recessie.

Was het uitgangspunt in 2009 nog ‘ bij twijfel in dienst houden’, nu heerst meer de mentaliteit van ‘ bij twijfel ontslaan’. Bedrijven slanken af, in voorbereiding op de magere jaren die nog zullen volgen.

Daarom leidt de milde recessie van 2012 wél tot oplopende werkloosheid. Zelfs het lichte economisch herstel dat in de meeste prognoses voor eind 2012 en 2013 wordt verwacht, zal de trend niet keren.

Het CPB verwacht verdere stijging van de werkloosheid naar 550.000 personen in 2013. Dat zou het hoogste peil ooit zijn. Althans, voor de meetwijze en definitie van werkloosheid zoals die door het Planbureau wordt gehanteerd.

Hardnekkige jeugdwerkloosheid
Krijgen we net als in de jaren tachtig ook weer hardnekkige jeugdwerkloosheid en langdurige, structurele werkloosheid. Ontstaat er een nieuwe verloren generatie? Die kans is gelukkig niet zo groot.

In de jaren tachtig van de vorige eeuw kwamen de late babyboomers, geboren in de jaren zestig, de arbeidsmarkt op. De potentiele beroepsbevolking groeide toen jaarlijks met ongeveer 50.000 personen meer dan nu. Bovendien gingen er jaarlijks veel minder mensen met pensioen dan de komende jaren het geval zal zijn. De zwakke economie van een kwart eeuw geleden kon de toestroom van nieuwe werkkrachten nauwelijks absorberen.

Pessimisme over de korte termijn is gerechtvaardigd. De werkloosheid blijft nog wel even stijgen. Maar op de iets langere termijn – zeg, over een jaar of twee, drie, krijgt de structurele krapte de arbeidsmarkt weer in z’n greep.

Dat is te lang voor bedrijven om mensen in dienst te houden waar eigenlijk geen werk voor is. Maar het is kort genoeg om niet te wanhopen. De werkloosheid lost zichzelf uiteindelijk op. [Z24]

0 reacties :

Een reactie plaatsen